Welk zand voor invegen bestrating? Dit zijn je opties

Voor het invegen van bestrating gebruik je het beste straatzand of zilverzand, afhankelijk van de breedte van je voegen. Straatzand is de meest gebruikte keuze voor brede voegen, terwijl zilverzand beter werkt voor smalle voegen tussen tegels. Hieronder lees je precies welk zand je wanneer kiest en waarom dat verschil maakt.

De twee meest gebruikte zandsoorten voor invegen

Straatzand is grover van structuur en bevat vaak een mengsel van verschillende korrelgroottes. Dat maakt het goed geschikt voor voegen van ongeveer 5 mm of breder, zoals je die vindt bij klinkers, straatstenen en grotere betontegels. Het zand vult de voeg goed op en geeft de bestrating stevigheid. Een nadeel is dat straatzand iets minder fijn is, waardoor het minder goed doordringt in smalle voegen.

Zilverzand is fijner en heeft een egale korrelgrootte, meestal tussen 0,1 en 0,5 mm. Daardoor stroomt het moeiteloos in smalle voegen van 2 tot 4 mm, zoals die bij natuursteen of fijne betontegels voorkomen. Zilverzand is ook geschikt als je een strakker, netter eindresultaat wilt. Een nadeel: fijn zand spoelt iets sneller weg bij harde regenbuien dan grover zand, dus bij een tuin die veel water te verwerken krijgt, let je daar beter op.

Wanneer kies je welk zand voor invegen bestrating?

Een simpele vuistregel om te onthouden:

  • Voeg breder dan 5 mm: gebruik straatzand.
  • Voeg smaller dan 5 mm: gebruik zilverzand.
  • Natuursteen of gevoelige tegels: gebruik altijd zilverzand, want grover zand kan het oppervlak krassen tijdens het invegen.
  • Waterpasserende bestrating: kies een zand dat water goed doorlaat; zilverzand werkt hier prima.

Bij klinkers op een oprit of een terras van betonklinkers kies je in de meeste gevallen straatzand. Voor een terras van hardsteen, arduin of kleine betontegels ga je voor zilverzand.

Voegzand versus gewoon zand: let op dit verschil

Naast straatzand en zilverzand bestaat er ook kant-en-klaar voegzand, soms ook polymeer voegzand of stabiliserend voegzand genoemd. Dit is zand waaraan een bindmiddel is toegevoegd. Na het invegen en bevochtigen hardt het uit en vormt het een stevige voeg die minder snel uitspoelt. Onkruid heeft er ook veel moeilijker vat op dan bij gewoon zand. Dat klinkt ideaal, maar er zitten ook nadelen aan: het is duurder dan gewoon zand, en als je de voegen ooit wilt herbestraten of aanpassen, is het harder verwijderen. Voor een terras dat je jarenlang laat liggen is polymeer voegzand een goede investering. Voor een tijdelijke of flexibele situatie is gewoon straatzand of zilverzand praktischer.

Hoe breng je het zand correct aan?

Strooi het zand droog over de bestrating en gebruik een harde bezem om het in de voegen te vegen. Herhaal dit een paar keer totdat de voegen volledig gevuld zijn. Maak de bestrating daarna licht nat met een gieter of tuinslang op een zachte stand, zodat het zand iets inzakt. Vul daarna eventueel bij met een extra laag zand. Zorg dat de voegen altijd volledig gevuld zijn tot aan de bovenkant van de tegel, anders verzakt de bestrating eerder en groeit onkruid sneller.

Kies je straatzand of zilverzand op basis van je voegbreedte en het type steen, en kies polymeer voegzand als je extra duurzaamheid wilt. Dat is eigenlijk alles wat je nodig hebt om de juiste keuze te maken.

Scroll naar boven